In het kort
- Er zijn automatisch regels van toepassing.
- Wat je tijdens het huwelijk opbouwt, is meestal van jullie samen.
- De regels houden rekening met zorg voor elkaar en eventuele kinderen.
- Je bent automatisch elkaars erfgenaam.
- Scheiden gaat via de rechter.
- Je kunt afspraken maken in huwelijkse voorwaarden.
Wat is het huwelijk?
Voor veel mensen is trouwen een bijzondere dag om de liefde te vieren met vrienden en familie. Trouwen heeft ook juridische gevolgen. De wet bevat regels die van toepassing zijn vanaf het moment dat partners met elkaar trouwen.
Belangrijke wijzigingen
- Gemeenschap van goederen: vanaf 1 januari 2018 geldt een nieuw stelsel voor de gemeenschap van goederen.
- Voor 2018: al het vermogen en alle schulden die je had voor het huwelijk en alles wat ontstaat tijdens het huwelijk is gezamenlijk. Ook erfenissen en schenkingen.
- Vanaf 2018: al het vermogen en alle schulden die je had voor het huwelijk blijven privé. Alles wat ontstaat tijdens het huwelijk is gezamenlijk. Erfenissen en schenkingen blijven privé.
- Partneralimentatie: vanaf 1 januari 2020 krijg je minder lang partneralimentatie.
- Voor 2020: uitgangspunt is partneralimentatie voor maximaal 12 jaar.
- Na 2020: uitgangspunt is partneralimentatie voor de helft van de duur van de relatie, met een maximum van 5 jaar.
Op deze pagina staan de regels die gelden als je nu een huwelijk aangaat.
Kinderen
Kinderen krijgen
Als juridisch ouder van een kind ontstaan er allerlei rechten. Zo heb je recht op omgang met je kind en wordt je kind automatisch jouw erfgenaam.
- De geboortemoeder is automatisch de juridische moeder.
- Bij een mannelijke echtgenoot of partner: de man wordt automatisch de juridische vader als het kind geboren wordt tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap.
- Bij een vrouwelijke echtgenote of partner: de vrouw wordt automatisch de tweede moeder als aan twee voorwaarden is voldaan.
- Voorwaarde 1: de zwangerschap moet zijn ontstaan door een onbekende donor.
- Voorwaarde 2: de zwangerschap is ontstaan zoals staat in de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting.
De tweede moeder wordt de meemoeder genoemd.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:198 BW, artikel 1:199 BW, artikel 1:203 BW, artikel 1:204 BW.
Achternaam kinderen
Een kind krijgt bij de geboorte een achternaam. Welke achternaam is dit?
- Jullie kunnen samen kiezen voor de achternaam van jullie eerste kind. Allebei de achternamen zijn mogelijk en ook een combinatie van de achternamen is mogelijk.
- Een voorbeeld: partner A en partner B kunnen kiezen voor de achternamen A, B, AB en BA.
- Je kunt de achternaam van het kind aan de gemeente doorgeven bij de geboorteaangifte.
- Als je niets doorgeeft aan de gemeente krijgt het kind automatisch de achternaam van de vader of de meemoeder.
- Een tweede, derde of volgend kind krijgt automatisch dezelfde achternaam als het eerste kind. Je kunt de achternaamkeuze dus alleen maken bij het eerste kind.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:5 BW.
Beslissen over kinderen
Om als ouder beslissingen te mogen nemen over je kind moet je gezag hebben. Gezag is een juridische term die aangeeft dat je keuzes mag maken over je kind. Bijvoorbeeld over de school waar je kind naartoe gaat of over een afspraak bij de huisarts. Wanneer heb je gezag?
- De geboortemoeder en de vader of meemoeder hebben automatisch gezamenlijk gezag als het kind geboren wordt tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:245 BW, artikel 1:251 BW.
Zorg voor kinderen
Veel stellen kiezen ervoor dat één van hen minder gaat werken als er kinderen komen. Dat kan grote financiële gevolgen hebben: minder inkomen, minder spaargeld, minder pensioen en een slechtere positie op de arbeidsmarkt. Houdt het recht hier rekening mee?
- Er is automatische compensatie voor zorg via de gemeenschap van goederen, het delen van pensioen en partneralimentatie.
- Door de gemeenschap van goederen wordt inkomen dat tijdens de relatie verkregen wordt automatisch met elkaar gedeeld.
- Ook wordt het ouderdomspensioen dat tijdens de relatie wordt opgebouwd met elkaar gedeeld.
- Bij het einde van de relatie krijgt de partner die meer zorg heeft verricht in sommige gevallen partneralimentatie.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:94 BW, artikel 1:155 BW, artikel 1:156 BW.
Kinderalimentatie
Kinderalimentatie is geld dat de ene ouder maandelijks moet betalen aan de andere ouder voor de verzorging van een kind. De hoogte van het bedrag is afhankelijk van de verdeling van zorg, de kosten voor de kinderen en jullie inkomens.
- Ouders zijn verplicht om kinderalimentatie te betalen tot het kind 21 jaar oud is.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:392 BW, artikel 1:394 BW, artikel 1:395a BW.
Wonen
Inleg bij aankoop van een woning
Als je samen een huis koopt kan het zijn dat een van jullie meer geld inlegt bij de aankoop van de woning. Krijg je dit geld terug bij het einde van de relatie?
Ja, de inleg moet terugbetaald worden.
- Wanneer? Terugbetaling hoeft niet direct te gebeuren, maar kan wel. De partner die meer heeft ingelegd bepaalt wanneer het geld terugbetaald moet worden. Dat mag ook pas bij het einde van de relatie. De partner die het geld terugkrijgt moet het geld wel uiterlijk een half jaar na echtscheiding of ontbinding van het partnerschap terugvragen. Als je te lang wacht met het terugvragen van het geld, kan het zijn dat je het geld niet meer terug kunt krijgen.
- Hoe? Het geld kan bijvoorbeeld terugbetaald worden als het huis verkocht wordt. Met de opbrengst van het huis wordt dan eerst de inleg terugbetaald en daarna wordt het overgebleven deel 50/50 verdeeld.
- Hoeveel? Je krijgt niet altijd het precieze bedrag van de inleg terug. Het bedrag dat terugbetaald moet worden beweegt namelijk mee met de waardestijging of waardedaling van het huis.
Een voorbeeld
A en B kopen samen een huis. Ze worden allebei voor de helft eigenaar. Het huis kost € 400.000. A betaalt € 50.000 van de koopsom en B € 10.000, allebei uit hun eigen spaargeld. A en B lenen samen € 340.000 bij de bank. A heeft uiteindelijk € 40.000 meer betaald dan B.
Het huis wordt 10 jaar later verkocht voor € 800.000. Ze hebben in die jaren samen € 20.000 afgelost van de hypotheekschuld. De overgebleven schuld van € 320.000 wordt eerst terugbetaald aan de bank. Er blijft dan € 480.000 over.
A krijgt eerst het verschil in de inleg terug, inclusief de waardestijging. A had € 40.000 meer ingelegd. Het huis is verdubbeld in waarde, dus A krijgt ook twee keer zoveel geld terug: € 80.000. Dan blijft er € 400.000 over. Daarvan krijgen A en B ieder de helft, € 200.000 per persoon.
Na de verkoop van het huis heeft A dan € 280.000 en B € 200.000.
Let op
Het gaat erom welke relatievorm jullie hebben op het moment dat je het huis koopt.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:87 BW.
Hypotheekaflossing
Het kan voorkomen dat een van jullie tijdens de relatie een schenking of erfenis krijgt. Dit bedrag kan dan gebruikt worden om (een deel van) de hypotheekschuld af te lossen. Krijg je het geld dat gebruikt is voor de aflossing weer terug bij het einde van de relatie?
Ja, de hypotheekaflossing moet terugbetaald worden.
- Wanneer? Terugbetaling hoeft niet direct te gebeuren, maar kan wel. De partner die heeft afgelost bepaalt wanneer het geld terugbetaald moet worden. Dat mag ook pas bij het einde van de relatie. De partner die het geld terugkrijgt moet het geld wel uiterlijk een half jaar na echtscheiding of ontbinding van het partnerschap terugvragen. Als je te lang wacht met het terugvragen van het geld, kan het zijn dat je het geld niet meer terug kunt krijgen.
- Hoe? Het geld kan bijvoorbeeld terugbetaald worden als het huis verkocht wordt. Met de opbrengst van het huis wordt dan eerst de hypotheekaflossing terugbetaald en daarna wordt het overgebleven deel 50/50 verdeeld.
- Hoeveel? Je krijgt niet altijd het precieze bedrag terug. Het bedrag dat terugbetaald moet worden beweegt namelijk mee met de waardestijging of waardedaling van het huis. Vanaf welk moment de berekening gemaakt moet worden is niet duidelijk.
Een voorbeeld
A en B kopen samen een huis. Ze worden allebei voor de helft eigenaar. Het huis kost € 400.000. A en B betalen allebei € 50.000 uit eigen spaargeld. A en B lenen samen € 300.000 bij de bank.
Na 5 jaar krijgt A een erfenis van € 40.000. Dit bedrag wordt gebruikt om de hypotheekschuld af te lossen. Weer 5 jaar later gaan A en B uit elkaar en wordt het huis verkocht voor € 800.000. Ze hebben in al die jaren samen nog € 10.000 afgelost. Er blijft dan een hypotheekschuld over van € 250.000. Die wordt eerst terugbetaald aan de bank. Er blijft dan € 550.000 over.
A krijgt eerst de hypotheekaflossing terug, inclusief de waardestijging. A had € 40.000 afgelost.
- Optie 1: het huis is verdubbeld in waarde vanaf de aankoop. A krijgt dan ook twee keer zoveel geld terug: € 80.000. Dan blijft er € 470.000 over. Daarvan krijgen A en B ieder de helft, € 235.000 per persoon. Na de verkoop heeft A dan € 315.000 en B € 235.000.
- Optie 2: er moet gekeken worden naar de waarde van het huis op het moment dat A de hypotheekaflossing doet. Als het huis op dat moment € 600.000 waard is, dan krijgt A 1,5 keer de hypotheekaflossing terug: € 60.000. Dan blijft er € 490.000 over. Daarvan krijgen A en B ieder de helft, € 245.000 per persoon. Na de verkoop heeft A dan € 305.000 en B € 245.000.
Het is onduidelijk of optie 1 of optie 2 toegepast moet worden. Als je hier zekerheid over wilt, dan kun je hier samen afspraken over maken.
Let op
Het gaat erom welke relatievorm jullie hebben op het moment dat je de hypotheekaflossing doet.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:96 BW, artikel 1:87 BW.
Verbouwing
Een nieuwe keuken, badkamer of aanbouw. Kosten van een verbouwing kunnen hoog oplopen. Het kan zijn dat een van jullie meer betaalt aan de verbouwing. Krijg je deze verbouwingskosten terug bij het einde van de relatie?
- Als de verbouwing betaald is met salaris dat tijdens de relatie verdiend is, dan moeten de verbouwingskosten niet terugbetaald worden.
- Als de verbouwing betaald is met spaargeld dat er al was voor het huwelijk of geregistreerd partnerschap, of met een schenking of erfenis, dan moeten de verbouwingskosten terugbetaald worden.
- Wanneer? Terugbetaling hoeft niet direct te gebeuren, maar kan wel. De partner die de verbouwingskosten heeft betaald bepaalt wanneer het geld terugbetaald moet worden. Dat mag ook pas bij het einde van de relatie. De partner die het geld terugkrijgt moet het geld wel uiterlijk een half jaar na echtscheiding of ontbinding van het partnerschap terugvragen. Als je te lang wacht, kan het zijn dat je het geld niet meer terug kunt krijgen.
- Hoe? Het geld kan bijvoorbeeld terugbetaald worden als het huis verkocht wordt. Met de opbrengst worden dan eerst de verbouwingskosten terugbetaald en daarna wordt het overgebleven deel 50/50 verdeeld.
- Hoeveel? Je krijgt niet altijd het precieze bedrag terug. Het bedrag dat terugbetaald moet worden beweegt namelijk mee met de waardestijging of waardedaling van het huis.
Een voorbeeld
A en B kopen samen een huis. Ze worden allebei voor de helft eigenaar. Het huis kost € 400.000. A en B betalen allebei € 50.000 uit eigen spaargeld. A en B lenen samen € 300.000 bij de bank. Net na de verhuizing betaalt A uit eigen spaargeld € 20.000 voor een nieuwe keuken en badkamer.
Het huis wordt 10 jaar later verkocht voor € 800.000. Ze hebben in die jaren samen € 50.000 afgelost. De overgebleven schuld van € 250.000 wordt eerst terugbetaald aan de bank. Er blijft dan € 550.000 over.
A krijgt eerst de verbouwingskosten terug, inclusief de waardestijging vanaf het moment dat de verbouwing gedaan is. Aangezien de verbouwing vlak na aankoop gebeurde, wordt ervan uitgegaan dat het huis toen nog € 400.000 waard was. A had € 20.000 betaald. Het huis is verdubbeld in waarde, dus A krijgt twee keer zoveel terug: € 40.000. Dan blijft er € 510.000 over. Daarvan krijgen A en B ieder de helft, € 255.000 per persoon.
Na de verkoop van het huis heeft A dan € 295.000 en B € 255.000.
Let op
Het gaat erom welke relatievorm jullie hebben op het moment dat je de verbouwingskosten betaalt.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:87 BW.
Huurwoning
Het kan zijn dat je gaat samenwonen in een huurwoning. Als jullie deze woning samen hebben gevonden en allebei op het huurcontract vermeld staan, dan zijn jullie allebei huurder. Als huurder heb je recht op wettelijke bescherming. Hoe zit het als slechts een van jullie op het huurcontract staat? Of als je intrekt in het huurhuis van je partner?
Als echtgenoten of geregistreerde partners samenwonen in een huurhuis, dan worden zij automatisch gezamenlijk huurder. Je krijgt dan dus automatisch huurbescherming en jullie hebben allebei het recht om in het huis te blijven wonen als de relatie eindigt.
Relevante wetsartikelen: Artikel 7:266 BW.
Regels tijdens de relatie en bij scheiding
Verdeling van de vaste lasten
Huur of hypotheek, energie, verzekeringen, boodschappen, de auto, de kosten van de kinderen: samen een huishouden voeren kost geld. Deze kosten samen heten de kosten van de huishouding. Wie betaalt wat?
De kosten van de huishouding moeten betaald worden naar verhouding van jullie inkomens. Verdien jij twee keer zoveel als je partner, dan betaal jij twee derde en je partner een derde.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:84 BW.
Delen van inkomen en geld sparen
Jullie krijgen salaris op je rekening, je stort geld op de gezamenlijke rekening, je hebt een gezamenlijke spaarrekening of je spaart apart. Wanneer wordt het geld van jullie samen en wanneer blijft het gescheiden?
- Al het geld dat binnenkomt vanaf het moment van trouwen of geregistreerd partnerschap is van jullie samen. Het maakt daarbij niet uit of het op een privé bankrekening of op een gezamenlijke bankrekening wordt gestort. Dit heet de gemeenschap van goederen.
- Het geld dat je al had voor het huwelijk of partnerschap blijft privé.
- Ook erfenissen en schenkingen tijdens het huwelijk of partnerschap zijn privé.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:94 BW.
Schulden
Een studieschuld bij DUO, een hypotheeklening bij de bank, belastingaanslagen en een sportschoolabonnement. Welke schulden zijn van jullie privé en voor welke schulden kunnen jullie allebei aangesproken worden?
- Alle schulden die ontstaan vanaf het moment van trouwen of registreren zijn van jullie samen. Het maakt daarbij niet uit of iemand in z'n eentje iets koopt of dat je dit samen doet.
- De schulden die je al had voor het huwelijk of partnerschap blijven privé.
- De schulden die al gezamenlijk waren voor het huwelijk of partnerschap blijven gezamenlijk.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:85 BW, artikel 1:94 BW.
Eigendom van spullen
“Cd van jou, cd van mij, cd van ons allebei, maar gekregen van mijn moeder dus van mij.” Een huis vult zich vaak gedurende de relatie. Er wordt een bank gekocht, een televisie uitgezocht, de wasmachine wordt vervangen en jullie krijgen een mooi kunstwerk cadeau van vrienden. Wie is eigenaar van welke spullen? En wat is het uitgangspunt als jullie niet meer weten wie de eigenaar is?
- De hoofdregel is dat alles wat jullie tijdens de relatie kopen van jullie samen is.
- De spullen die je al had voor het huwelijk of geregistreerd partnerschap blijven van jou privé.
- De spullen die je tijdens het huwelijk of geregistreerd partnerschap koopt met spaargeld dat je al had voordat je dit aanging, of met een erfenis of schenking, zijn ook van jou privé.
- Als het onduidelijk is van wie iets is, dan is het uitgangspunt dat jullie gezamenlijk eigenaar zijn.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:94 BW, artikel 1:95 BW.
Uit elkaar gaan
Als een van jullie of jullie allebei niet langer samen willen zijn, dan kun je de relatie beëindigen. Wat moet je regelen bij het einde van de relatie? En wanneer moet je naar de rechter om uit elkaar te kunnen?
Let op
Op dit punt verschillen het huwelijk en het geregistreerd partnerschap.
Huwelijk
Scheiden moet altijd via de rechter. Hoe gaat dat in z'n werk?
- Je hebt een advocaat nodig om een scheiding aan te vragen bij de rechter. Als jullie het met elkaar eens zijn over de scheiding, dan kunnen jullie samen één advocaat nemen. Als jullie er samen niet uit komen, dan kun je een eigen advocaat nemen die opkomt voor jouw belangen.
- Als jullie minderjarige kinderen hebben dan moeten jullie een ouderschapsplan schrijven. Hierin maken jullie afspraken over de zorg voor de kinderen, wanneer jullie de kinderen zien en hoe de kosten verdeeld worden. Het is belangrijk dat jullie samen nadenken hoe jullie de nieuwe situatie zo goed mogelijk kunnen maken voor de kinderen.
- Als jullie het niet eens kunnen worden over bepaalde gevolgen van de scheiding, dan kunnen jullie dit voorleggen aan de rechter bij de scheidingsaanvraag. Bijvoorbeeld wie in de woning mag blijven wonen, hoeveel geld er nog betaald moet worden en hoe het pensioen geregeld wordt.
Geregistreerd partnerschap
- Als jullie geen minderjarige kinderen hebben en het eens zijn over de scheiding, dan kan scheiding bij de gemeente.
- In alle andere gevallen moet het via de rechter en geldt hetzelfde als bij het huwelijk, zie hierboven.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:149 BW, artikel 1:151 BW, artikel 1:80c BW.
Partneralimentatie
Partneralimentatie is een geldbedrag dat je betaalt aan je ex-partner na het einde van de relatie. De gedachte erachter: als een van jullie tijdens de relatie minder is gaan werken, kan diegene niet van de ene op de andere dag in zijn eigen onderhoud voorzien. Wanneer is er recht op partneralimentatie?
In sommige gevallen moet de ene partner bij het einde van de relatie partneralimentatie betalen aan de andere partner. Om te bepalen wanneer dat het geval is, hoe hoog het bedrag is en hoe lang het betaald moet worden, zijn de volgende overwegingen van belang:
- De ene partner moet zelf niet genoeg geld verdienen om alle kosten te kunnen betalen.
- De andere partner moet genoeg geld hebben om eigen kosten te betalen én partneralimentatie.
- Jullie mogen zelf afspraken maken over de hoogte van de partneralimentatie. Als jullie het niet eens worden, dan kunnen jullie de rechter vragen om een bedrag te bepalen. De rechter kijkt dan naar hoeveel geld de ene partner nodig heeft en hoeveel de andere partner binnenkrijgt.
- De duur van de partneralimentatie is de helft van de duur van de relatie, met een maximum van vijf jaar. Dit kan langer zijn als jullie nog minderjarige kinderen hebben.
- Bijvoorbeeld: als jullie vier jaar een relatie hebben, dan duurt de partneralimentatie twee jaar.
- Bijvoorbeeld: als jullie vijftien jaar een relatie hebben, dan duurt de partneralimentatie vijf jaar.
- De partneralimentatie stopt als de partner die het ontvangt een nieuwe relatie krijgt en gaat trouwen, een geregistreerd partnerschap aangaat of gaat samenwonen.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1:156 BW, artikel 1:157 BW.
Ouderdomspensioen
Als je de pensioenleeftijd bereikt zijn er verschillende soorten uitkeringen die je kunt krijgen. Zo is er de wettelijke AOW-uitkering. Ook kun je een aanvullende pensioenuitkering krijgen van je werkgever, of kun je als ZZP'er zelf pensioen opzij gezet hebben. Dit heet ouderdomspensioen. Wordt het ouderdomspensioen dat je opbouwt tijdens de relatie met elkaar gedeeld?
Pensioen dat is opgebouwd tijdens de relatie wordt automatisch met elkaar gedeeld.
- Jullie delen automatisch het pensioen dat jullie hebben opgebouwd tijdens de relatie. Ieder krijgt de helft van elkaars pensioen. Dat heet pensioenverevening.
- Het is belangrijk dat je binnen 2 jaar na scheiding bij het pensioenfonds meldt dat jullie uit elkaar zijn. Als je dat niet doet, moet je onderling regelen dat je ex-partner het pensioenbedrag aan jou betaalt.
- Het pensioen dat je voor of na het huwelijk of geregistreerd partnerschap hebt opgebouwd blijft van jezelf en hoef je niet te delen.
Relevante wetsartikelen: Artikel 2 Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, artikel 3 Wet verevening pensioenrechten bij scheiding, artikel 1:155 BW.
Overlijden
Erfenis
Als een van jullie overlijdt dan regelt de wet wie de erfgenaam is. Het hangt af van de relatievorm of jullie elkaars erfgenaam zijn. Je kunt afwijken van de wet via een testament. In een testament kun je zelf bepalen wie jouw erfgenaam is en wat diegene erft.
Jullie zijn automatisch elkaars erfgenaam.
- Als jullie ook kinderen hebben dan zijn je partner en de kinderen allemaal voor een gelijk deel de erfgenamen. Bij overlijden krijgen de kinderen niet direct hun erfenis. De wet regelt dat je partner eerst alle bezittingen krijgt: het huis, de auto, het spaargeld. De kinderen krijgen een geldvordering ter hoogte van hun erfenis. Deze vordering kunnen ze opeisen als ook je partner overlijdt. Dat systeem heet de wettelijke verdeling.
- Met een testament kunnen jullie hiervan afwijken. Bijvoorbeeld om iets aan een goed doel na te laten, of om te regelen wat er gebeurt als je partner na jouw overlijden hertrouwt. Een testament regel je bij de notaris.
Relevante wetsartikelen: Artikel 4:10 BW, artikel 4:13 BW, artikel 4:42 BW, artikel 4:94 BW.
Erfbelasting
Het kan zijn dat je belasting moet betalen over de erfenis die je krijgt. Dit heet erfbelasting. Over een deel van de erfenis hoef je geen belasting te betalen. Dit heet de vrijstelling. Als ‘partner’ kun je recht hebben op een hoge vrijstelling van belasting. Over het bedrag dat boven de vrijstelling komt moet je wel belasting betalen. De hoeveelheid belasting die je moet betalen hangt af van jouw band met de persoon die overleden is. Als ‘partner’ en kind hoef je een relatief laag deel aan belasting te betalen. Wanneer word je aangemerkt als ‘partner’ en heb je de hoge vrijstelling en het lage belastingtarief?
Let op
Deze bedragen veranderen jaarlijks. Dit zijn de bedragen in 2026. Kijk op de website van de Belastingdienst voor meer informatie.
- Je bent automatisch elkaars partner voor de erfbelasting.
- Je partner hoeft over de eerste € 828.035 geen belasting te betalen. Daarna moet je over een eerste gedeelte 10 % belasting betalen en bij een hoger bedrag 20 %.
- Je kind hoeft over de eerste € 26.230 geen belasting te betalen. Daarna moet je over een eerste gedeelte 10 % belasting betalen en bij een hoger bedrag 20 %.
Overlijdensrisicoverzekering
Een overlijdensrisicoverzekering keert een bedrag uit als een van jullie overlijdt. Meestal wordt het afgesloten bij een hypotheek, zodat de achterblijvende partner de woonlasten kan blijven betalen. Over de uitkering kan erfbelasting verschuldigd zijn. Dat hangt af van de vraag of de premie betaald is met het geld van de partner die overlijdt. Zo ja, dan telt de uitkering mee als erfenis. Zo nee, dan niet. Dit verschilt per relatievorm.
Vanaf het huwelijk of geregistreerd partnerschap wordt jullie inkomen gezamenlijk. De Belastingdienst gaat ervan uit dat de premie betaald wordt met dit gezamenlijke inkomen. Jullie betalen dan juridisch gezien allebei de helft van de premie. Hierdoor wordt de helft van de uitkering meegerekend bij de erfenis. Als het totaal van de erfenis lager is dan de vrijstelling, dan wordt er geen belasting betaald. Zie het blok Erfbelasting.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1a Successiewet, artikel 13 Successiewet, artikel 32 Successiewet.
Partnerpensioen
Als je partner komt te overlijden kan het zijn dat je recht hebt op partnerpensioen. Partnerpensioen is een vorm van nabestaandenpensioen. Je krijgt het geld direct na het overlijden van je partner en niet pas bij de pensioenleeftijd. Om partnerpensioen te krijgen moet je partner aangesloten zijn bij een pensioenfonds dat partnerpensioen aanbiedt. Als dat het geval is, dan hangt het af van de relatievorm wanneer je recht hebt op het partnerpensioen.
- Om partnerpensioen te kunnen ontvangen moet je gezien worden als elkaars ‘partner’.
- Echtgenoten en geregistreerde partners zijn automatisch elkaars ‘partner’. Hierdoor heb je automatisch recht op partnerpensioen.
Relevante wetsartikelen: Artikel 1 Pensioenwet, artikel 16 Pensioenwet.